Oefeningen in de eenvoudige verleden tijd voor Servische grammatica - Talkpal
00 Dagen D
16 Uren H
59 Minuten M
59 Seconden S
Talkpal logo

Leer sneller talen met AI

Talkpal maakt van AI jouw persoonlijke taalcoach

Learn Languages faster with AI
Flag of England Flag of Spain Flag of France Flag of Germany Flag of Italy
80+ Talen

Oefeningen in de eenvoudige verleden tijd voor Servische grammatica

In deze oefeningen werk je aan de eenvoudige verleden tijd in het Servisch. Je leert hoe je regelmatig en onregelmatig vervoegde werkwoorden gebruikt om over gebeurtenissen in het verleden te spreken. Let goed op de hints in het Nederlands om de juiste vorm te kiezen.

Students sit at symmetrical long desks in a grand library setting for learning languages.
Promotional background

De meest efficiënte manier om een taal te leren

Probeer Talkpal gratis

Oefening 1: Regelmatige werkwoorden in de verleden tijd

1. Juče sam *radio* u bašti. (Hint: werkwoord “raditi” betekent “werken”, verleden tijd voor ik)
2. Ona je *gledala* film sinoć. (Hint: werkwoord “gledati” betekent “kijken”, verleden tijd voor zij)
3. Mi smo *pričali* o školi. (Hint: werkwoord “pričati” betekent “praten”, verleden tijd voor wij)
4. Ti si *učio* srpski juče. (Hint: werkwoord “učiti” betekent “leren”, verleden tijd voor jij)
5. Deca su *plesala* na zabavi. (Hint: werkwoord “plesati” betekent “dansen”, verleden tijd voor zij meervoud)
6. On je *slušao* muziku. (Hint: werkwoord “slušati” betekent “luisteren”, verleden tijd voor hij)
7. Ja sam *kupio* knjigu. (Hint: werkwoord “kupiti” betekent “kopen”, verleden tijd voor ik)
8. Vi ste *radili* zajedno. (Hint: werkwoord “raditi” betekent “werken”, verleden tijd voor u/jullie)
9. Ona je *vozila* bicikl. (Hint: werkwoord “voziti” betekent “rijden”, verleden tijd voor zij enkelvoud)
10. Mi smo *gledali* utakmicu. (Hint: werkwoord “gledati” betekent “kijken”, verleden tijd voor wij)

Oefening 2: Onregelmatige werkwoorden in de verleden tijd

1. Juče sam *bio* kod kuće. (Hint: werkwoord “biti” betekent “zijn”, verleden tijd voor ik)
2. Ona je *šla* u školu. (Hint: werkwoord “ići” betekent “gaan”, verleden tijd voor zij)
3. Mi smo *videli* prijatelje. (Hint: werkwoord “videti” betekent “zien”, verleden tijd voor wij)
4. Ti si *dao* knjigu meni. (Hint: werkwoord “dati” betekent “geven”, verleden tijd voor jij)
5. Deca su *jela* ručak. (Hint: werkwoord “jesti” betekent “eten”, verleden tijd voor zij meervoud)
6. On je *pije* vodu. (Hint: werkwoord “piti” betekent “drinken”, verleden tijd voor hij; let op spelling)
7. Ja sam *uzeo* olovku. (Hint: werkwoord “uzeti” betekent “nemen”, verleden tijd voor ik)
8. Vi ste *došli* na vreme. (Hint: werkwoord “doći” betekent “komen”, verleden tijd voor u/jullie)
9. Ona je *spavala* celu noć. (Hint: werkwoord “spavati” betekent “slapen”, verleden tijd voor zij enkelvoud)
10. Mi smo *rekli* istinu. (Hint: werkwoord “reći” betekent “zeggen”, verleden tijd voor wij)
Learning section image (nl)
Download talkpal app

Altijd en overal leren

Talkpal is jouw AI-taaltutor, beschikbaar op web en mobiel. Krijg de taal sneller onder de knie, klets over interessante onderwerpen via tekst of spraak en ontvang realistische stemberichten, waar en wanneer je maar wilt.

Learning section image (nl)

Scannen met uw apparaat om te downloaden op iOS of Android

Learning section image (nl)

Neem contact met ons op

We zijn er altijd voor je als je vragen hebt of hulp nodig hebt. Neem op elk moment contact op met onze klantenservice via support@talkpal.ai

Talen

Leren


Talkpal, Inc., 2810 N Church St, Wilmington, Delaware 19802, US

© 2026 All Rights Reserved.


Trustpilot