Verleden tijd Oefeningen voor Duitse grammatica

De voltooid verleden tijd (Plusquamperfekt) is een essentieel onderdeel van de Duitse grammatica waarmee sprekers handelingen of gebeurtenissen kunnen uitdrukken die vóór een bepaald punt in het verleden plaatsvonden. Om de voltooid verleden tijd in het Duits te vormen, moet je het voltooid deelwoord van het hoofdwerkwoord combineren met het hulpwerkwoord “haben” of “sein” in de verleden tijd. Het hulpwerkwoord hangt af van het type hoofdwerkwoord dat je gebruikt. In het algemeen wordt “haben” gebruikt voor de meeste werkwoorden, terwijl “sein” wordt gebruikt voor onovergankelijke werkwoorden die een verandering van toestand of beweging aangeven.

In deze oefeningen oefent u het vormen van zinnen in de verleden tijd in het Duits door de lege plekken in te vullen met de juiste werkwoordsvormen. Let op de aanwijzingen voor elke zin.

Grammatica-oefeningen

Grammatica

[related_child_taxonomies]

Leer 5x sneller een taal met AI

TalkPal is een AI-gestuurde taaltutor. Leer 57+ talen 5x sneller met revolutionaire technologie.